Dit rapport biedt een diepgravende analyse van de evolutie van mondiale risico’s in drie tijdshorizonten: de onmiddellijke toekomst (2026), de korte tot middellange termijn (2028) en de lange termijn (2036). Gebaseerd op de percepties van meer dan 1.300 experten uit bedrijfsleven, academische wereld, overheid en middenveld wereldwijd, onderstreept het rapport een groeiend gevoel van instabiliteit en systeemcrisis. Zowel op korte als lange termijn blijkt onzekerheid het overheersende kenmerk van het wereldwijde risicolandschap. De helft van de respondenten voorspelt een “turbulente” of “stormachtige” wereld in de komende twee jaar, oplopend tot 57% in het komende decennium.
In 2026 staan geopolitieke spanningen en geoeconomische confrontaties centraal. Landen zetten economische instrumenten strategisch in — zoals sancties, exportcontroles of het afschermen van toeleveringsketens — om hun machtspositie te versterken. Deze verschuiving naar economische wapens vergroot het risico op conflicten en ontwrichting. De dreiging van staatsgebaseerde gewapende conflicten, het uiteenvallen van multilaterale afspraken en het gebruik van infrastructuur als doelwit of drukmiddel versterken deze risico’s. Tegelijkertijd zet de technologieversnelling zich ongehinderd voort, met een sterke toename in mis- en desinformatie, groeiende cyberonzekerheid, en bezorgdheden rond de maatschappelijke en geopolitieke impact van artificiële intelligentie.
Naarmate de horizon verschuift naar 2036, verschuiven ook de dominante risico’s. Milieurisico’s worden dan als het meest ernstig ervaren: extreme weersomstandigheden, verlies aan biodiversiteit en verstoring van aardsystemen staan bovenaan. Vooral het verlies van ecosystemen en natuurlijke hulpbronnen wordt in dit scenario gezien als een potentiële katalysator voor sociale onrust, migratie en economische instabiliteit. Opvallend is dat deze risico’s op korte termijn minder prioritair lijken door de dominantie van economische en politieke urgenties, hoewel hun structurele impact op lange termijn als cruciaal wordt erkend.
Daarnaast identificeert het rapport structurele krachten die deze risico’s versterken of versnellen: klimaatverandering, geopolitieke herschikking, technologische disruptie en demografische ongelijkheden. Deze structurele transformaties creëren een complex en verweven systeem van risico’s met potentiële domino-effecten over beleidsdomeinen en grenzen heen.
Sociale spanningen binnen landen worden intussen gevoed door groeiende polarisatie, toenemend wantrouwen in instellingen, economische ongelijkheid en de waargenomen onmacht van overheden om maatschappelijke problemen aan te pakken. In tal van regio’s vertaalt dit zich in een verhoogde kans op sociale onrust, afnemende legitimiteit van beleid en het ontstaan van alternatieve machtsstructuren. Ook in landen met een stabiele democratische traditie is een afkalving van de rechtsstaat en politieke cohesie merkbaar.
De inzichten in dit rapport fungeren als een strategisch kompas voor risicobeheer en preventiebeleid. Ze roepen beleidsmakers, bedrijven en maatschappelijke organisaties op om tijdig in te grijpen, onderlinge samenwerking te herdenken, en de veerkracht van systemen op lokaal, nationaal en internationaal niveau te versterken. Terwijl bestaande samenwerkingsstructuren onder druk staan, is er tegelijk nood aan nieuwe vormen van flexibele, doelgerichte coalities om grensoverschrijdende risico’s effectief aan te pakken.